DierenkliniekDeSaen
  8-September-2010 Home > De Praktijk > Faciliteiten > Anesthesie Gebruiker: "Visitor"
MenuTop
Home
De Praktijk
    Contact
    Openingstijden
    Spoeddienst
    Medewerkers
    Nascholing
    Faciliteiten
       Laboratorium
       Bloeddrukmeting
       Anesthesie
          Ruggeprik
       Opname
       Echo
       Röntgen
       Tandheelkunde
       Klit-Preventie
       Trimsalon
       Fysiotherapie
       Gedragsdesk.
    Alg. voorw.
    Stage Bedrijf
    Plattegronden
    Nieuw
    Patientenstop
    Acties & Thema's
Foto's
Pers & Media
Links
Zoeken
Nieuwsbrief
Honden
Katten
Knagers
Vogels
Open Dag
Thema's en acties
MenuBottom

PUPPY PARTY
Zaterdag 21 Augustus 2010 Puppy Party
KITTEN PARTY
Zaterdag 4 September 2010 Kitten Party
VOEDINGS AVOND
Bel voor inschrijflijst Afslank Programma
ARTROSE AVOND
Bel voor inschrijflijst Senioren Programma

Telefoonnummers:
De Saen: 075-6173911
Westerwatering: 075-6160761
Zie ook: Adressen

Anesthesie

Anesthesie is het in slaap brengen en houden tijdens een operatieve ingreep. Dit wordt ook wel narcose genoemd. Tijdens anesthesie wordt ervoor gezorgd dat het dier rustig slaapt, pijnvrij is en zich ontspant. Hiervoor gebruiken we in onze kliniek diverse moderne methoden, die per dier worden bepaald en afhankelijk zijn van o.a. de leeftijd, conditie en het onderzoek dat voor de operatie wordt uitgevoerd. Door dit zogenoemde 'pre-anesthetisch onderzoek' hebben we een goed inzicht in de risico's, het wordt altijd door de dierenarts uitgevoerd. Naast algehele narcose kan er ook gekozen worden voor een combinatie met lokale verdoving, of een ruggenprik.

Bij oudere dieren adviseren wij een aanvullend bloedonderzoek ter controle van enkele belangrijke organen, als lever en nieren. Bij afwijkingen hierin kunnen we de narcose-middelen aanpassen, en/of bijvoorbeeld extra infuus geven tijdens de ingreep. In onze kliniek wordt vooral gebruik gemaakt van inhalatie-anesthesie (gasnarcose). Deze moderne methode geeft nauwkeurig te controleren slaap en is goed te bewaken met onze bewakingsapparatuur. Via een tube die in de keel wordt geplaatst is het zo ook goed mogelijk om te beademen wat voor bepaalde operaties van de borstholte noodzakelijk is.

Voorbeeld van een anesthesie bij de sterilisatie van een hond.

Als alle onderzoeken voor de operatie normaal zijn bevonden door de dierenarts dan is het protocol:

  • injectie in de poot via de braunule om de hond in slaap te brengen (soms in de spieren)
  • een tube (beademingsbuisje) in de luchtpijp brengen zodra de hond slaapt

            

  • aansluiten op het bewakingsapparaat en de inhalatie-anaesthesie met slaapgas en zuurstof
  • de slaap wordt door de slaapgassen en de bewaking gecontroleerd in stand gehouden
  • als de operatie klaar is dan 100 % zuurstof, zodat het slaapgas wordt 'uitwassen'
  • hierdoor wordt de hond snel en rustig wakker en mag naar de uitslaapkamer als de bewaking aangeeft dat alles stabiel is.
  • de tube wordt verwijderd als de hond voor het eerst weer slikt.
  • in de uitslaapkamer wordt de hond warm gehouden en veelvuldig gecontroleerd.
  • een paar uur na de operatie gaat ze alweer lopend met u mee naar huis

Anesthesie bewaking

Bewaking van de operatiepatient begint al bij het onderzoek vóór de operatie. Hierdoor weten we welke risico`s er kunnen zijn bij een bepaalde ingreep zodat we daar vooraf op kunnen inspelen.

Het belangrijkste bij bewaking is de mens zelf: deze immers kan aanpassingen doen om te zorgen dat alles stabiel blijft. De apparatuur helpt ons om de patiënt zo stabiel mogelijk te houden en geeft ons aan in te grijpen als dit nodig mocht zijn.

Het bewakings-apparaat dat wij gebruiken in de operatiekamer van de kliniek is een van de allermodernste, en toont alle waarden op een touch-screen beeldscherm. Het voordeel is dat alles overzichtelijk en duidelijk weergegeven wordt en alle belangrijke waarden met elkaar vergeleken worden zodat er een maximale veiligheid is.

De waarden die bewaakt kunnen worden:

  1. polsfrequentie (=hartslag)
  2. zuurstofgehalte in het bloed (SPO2)
  3. CO2 gehalte in de in- en uitademing
  4. ademfrequentie en -vorm
  5. hartfrequentie en -vorm (E.C.G.)
  6. bloeddruk
  7. temperatuur van het dier

Bij de minste afwijking worden door het apparaat duidelijke signalen gegeven op verschillende niveaus . Hierdoor is het mogelijk om zeer vroeg al aanpassingen te doen, voor er werkelijk een probleem ontstaat.